Verleden

De Hofplein lijn (1905 – 1907)

Begin 20e eeuw werd in het noordelijke deel van Rotterdam, dwars door de bestaande 19e eeuwse stadswijken en het even verderop gelegen polderlandschap heen, het Hofpleinviaduct gebouwd. Dit 1,9 km lange viaduct vormde het begintraject van de Hofpleinlijn, een 28,5 kilometer lange spoorlijn die Rotterdam via Schiebroek, Rodenrijs, Berkel, Pijnacker, Nootdorp en Voorburg/Leidschendam met Den Haag en Scheveningen verbond. De Hofpleinlijn bood een alternatief voor de bestaande spoorverbinding richting Den Haag via Delft en vervoerde voornamelijk Rotterdamse badgasten en forensen uit Den Haag en Wassenaar. Het was bovendien de eerste geëlektrificeerde spoorlijn in Nederland. De noviteit en het comfort van de moderne elektrische trein gekoppeld aan het aantrekkelijke einddoel, het strand in Scheveningen, zorgde voor immense rijen passagiers in de weekeinden. Reizigers stapten op aan het startpunt van de Hofpleinlijn in het Hofpleinstation, een uitbundig art nouveau gebouw waarin ook het beroemde café-restaurant Loos een centrale plaats innam. Een meer sobere en kleinere opstaphalte bevond zich halverwege het viaduct bij het huidige Bergwegstation, de toenmalige stadsgrens. De aanleg van het Hofpleinviaduct betekende een spectaculaire doorbraak in de ontwikkeling van de constructie van spoorviaducten. Nooit eerder bouwde men een luchtspoor met een overspanning van 1,9 kilometer lang die geheel was opgetrokken uit gewapend beton. Nationale waardering volgde in 2002, het moment dat het gehele Hofpleinviaduct werd aangewezen tot Rijksmonument.

Station Hofplein

Oorspronkelijk waren er twee stations langs de Hofpleinlijn die deel uitmaakten van het integrale ontwerp van het viaduct: het kopstation ZHESM en station Bergweg. Het kopstation ZHESM (1909-1940) van de Rotterdamse architect J.P. Stok was ooit aan het vooroorlogse Hofplein gesitueerd. In dit uitbundige art nouveau station met de halfronde gevel was niet alleen de ontvangsthal en de kaartverkoop voor de Hofpleinlijn gevestigd, maar ook het beroemde café-restaurant Loos. Het gebouw domineerde door zijn opvallende architectuur het toenmalige beeld aan het Hofplein. Feitelijk bestond het station uit twee afzonderlijke gebouwen: het voorgebouw en een perrongebouw. De architect werd tot deze tweedeling gedwongen door de complexe ligging van de Hofpleinlijn. Het viaduct en de bijbehorende perrons waren namelijk haaks geprojecteerd op de Staatsspoorlijn die Rotterdam Centraal met Dordrecht verbond. Een trappartij dwars door de boogruimtes van de Staatsspoorlijn verbond het voorgebouw met het perrongebouw.

Tijdens het bombardement van 14 mei 1940 werd het kopstation compleet vernield, net als een groot deel van de overkapping van de perrons. Hierna moesten reizigers het enkele jaren met een noodgebouw doen. Toenmalig spoorbouwmeester Sybold van Ravesteyn ontwierp eind jaren vijftig twee nieuwe stationsgebouwen op dezelfde locaties langs de Hoflpleinlijn. Van deze naoorlogse stations bestaat alleen Station Bergweg nog. Voor Station Hofplein ontwierp Van Ravesteyn in 1956, in tegenstelling tot het uitbundige ZHESM station, een sober, modern en zakelijk gebouw dat paste bij het moderne, naoorlogse centrum van Rotterdam. Station Hofplein werd in 1990 als gevolg van de aanleg van de NS spoortunnel onder Blaak gesloopt. Vanaf dat moment zijn er enkele voorzieningen op het perron zelf getroffen en heeft het station tot augustus 2010 slechts nog gefungeerd als opstaphalte.

Wat er anno 2011 nog in tact is, is het perrongebouw met de onderliggende 16 boogruimtes. De uitbundige art nouveau architectuurstijl die Stok destijds toepaste is nog altijd aan een zijde van het perrongebouw (Raampoortstraat) zichtbaar in de vorm van decoraties langs de boogstructuuur.